Terug naar hoofdinhoud

Mindfulness
in de traditie van Thich Nhat Hanh

08 februari 2026

Wanneer licht ons leert vertragen

Door Koen Demeyer

Soms valt er licht op een manier die je niet kunt vastpakken. Het is geen volle zon, geen diepe schaduw, maar iets daartussenin: licht dat gefilterd wordt door bladeren, dat beweegt, flikkert en weer verdwijnt. Je ziet het pas wanneer je vertraagt. Wanneer je even stopt.

Deze speling van het licht noemt men in Japan ‘Komorebi’ (1). Het roept gevoelens van vergankelijkheid, schoonheid en verbondenheid op. Dit zachte licht nodigt ons uit tot wat in mindfulness zo centraal staat: aandachtig aanwezig zijn.

Gefilterd licht helpt ons daarbij. Het vraagt niets. Het dringt zich niet op. Het is er — en verdwijnt weer.. In dat verschijnen en oplossen weerspiegelt het een fundamentele waarheid dat alles vergankelijk is. Het licht verandert omdat de zon beweegt, omdat de wind door de bladeren gaat, omdat tijd zelf stroomt. Dit gebeurt alleen onder de bomen, maar ook onder de wolken. Door dit te zien, zien we ook onze eigen adem, onze gevoelens en gedachten als iets dat komt en gaat.

Wanneer we aandachtig kijken naar dit spel van licht en schaduw, oefenen we een zachte vorm van waarnemen. Niet analyseren, niet benoemen, maar eenvoudig zien. Thich Nhat Hanh noemde dit “deep looking”: kijken met het hart, zonder iets vast te willen houden. Het licht leert ons dat schoonheid niet ligt in wat blijft, maar in wat verschijnt en weer oplost. Zoals hij schreef: “Because you are alive, everything is possible.” Zelfs een klein moment van licht op de grond kan een poort worden naar verwondering of hoop.

Dit soort licht verbindt ons ook met het levensweb. Het herinnert ons eraan dat niets op zichzelf bestaat. Het licht is er dankzij de zon, de bladeren, de ruimte ertussen, onze ogen die kijken. In de taal van Thich Nhat Hanh: dit is Inter-zijn. Het ene kan niet zonder het andere. Wanneer we dat werkelijk zien, ontstaat vanzelf een gevoel van verbondenheid en zachtheid. Niet alleen met de natuur, maar ook met onszelf.

We hoeven daarvoor niet in een bos te zijn. Gefilterd licht kan verschijnen op een muur, op de vloer van een kamer, op het voetpad. Het vraagt alleen onze bereidheid om te stoppen en te kijken. Misschien is dat wel de diepste uitnodiging: om ons leven niet alleen te beleven in grote momenten, maar juist in deze kleine, stille openingen. Of zoals Leonard Cohen zegt: “ There is a crack in everything. That’s how the light gets in.”..

 (1) Youtube: “De schoonheid van Komorebi: hoe de Japanners het gevlekte licht ervaren”
https://www.youtube.com/watch?v=cnKdrjqtj_c&list=PLXGUQlS6C4a3s5jiWh5M5VU5PgHRHGx7v&index=43